Live as if you'll die today.
Het meisje keek schuin naar beneden, daar stond dat lieve kind die toch elke keer haar aandacht trok. Het was haar buurjongetje, en meestal had hij een tuinbroek aan. Wanneer hij uit zijn ouders' huis stapte, maakte hij altijd een hupje, zodat hij zonder moeite over het drempeltje kon komen. Dan had hij in zijn ene hand altijd een actieheld, en in zijn andere hand had hij een snoepje.
Hij liep altijd naar de trapleuning en dan zwaaide hij even naar het meisje. Ditzelfde gebeurde elke dag. Dan zwaaide het jongetje even naar het meisje, haalde dan het papiertje van zijn snoepje af en ging dan op een traptrede zitten tot het snoepje op was. Wanneer het snoepje op was, ging hij met zijn actieheld spelen en lachte hij elke dag weer.
Het meisje genoot van dit schouwspel en elke dag ging zij weer op hetzelfde moment naar buiten om haar buurjongetje te zien spelen. Het snoepje en het spel maakte het kind zielsgelukkig, en dit schouwspel maakte het meisje gelukkig.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten