vrijdag 28 september 2012

Fight for your dream.

Ze voelde de wereld onder haar voeten vandaan glippen. Het leek of zij de meest griploze schoenen aan had en of het dagen en uren had geregend. De grip op alles was verdwenen, de afgrond leek dichterbij dan het puntje van de bergtop. 
Daar gleed weer een steen de afgrond in. Ze verzwikte haar been en ze gleed nog een stuk naar beneden. Haar veiligheidsharnas was losgebroken. Geen enkele veiligheid had zij meer om zich heen. De steen hoorde zij ondertussen met een doffe plof op de grond vallen. 
Hoe moest zij deze berg nu beklimmen zonder een werkend veiligheidsharnas, dacht ze. Dit was onmogelijk, dit kon niet. Ze had veiligheid nodig, zonder zou ze niet kunnen klimmen. Ze gleed verder en bleef vast zitten in een modderpoel. Ze trok haar voet omhoog, maar haar schoen zat vast. Voor ze het wist had ze een idee. Haar schoen zou ze toch niet meer nodig hebben, grip gaf het haar toch niet. Ballast was het. Ze trok haar veters los en liet de schoen staan, terwijl ze een stap deed. Meteen deed ze ook haar andere schoen uit. Alleen maar ballast.
Snel kwam ze weer overeind. Duizeligheid voelde zij in haar hoofd. Ze zette haar benen uit elkaar om zo grip te krijgen op de grond. Het werkte, ze werd rustig en de duizeligheid verdween. Ze zette een stap naar boven. Nog een stap, en nog één. Ze liep langs een bosje en haar broek bleef haken achter een tak. Schoppend en slaand probeerde zij zich los te wurmen van de tak, het werkte niet. Uit haar zak viste zij een zakmes. Ze sneed haar broek tot een kort broekje, zodat ook hier geen vertraging meer door kon ontstaan. Nu kon ze weer vrij lopen.
Ze kreeg dorst en pakte haar flesje water uit haar rugzak. Bij zichzelf dacht zij, ik ben blij dat ik het flesje nog heb. Een mens heeft nu eenmaal wel eens kracht nodig om door te kunnen gaan. Tijdens het drinken rustte het meisje op een steen. Daar zag ze een vlinder vliegen. Een mooie felgekleurde vlinder. Ze stond op, borg haar flesje op, deed haar tas weer om en ging verder lopen. 
Klauterend op handen en voeten kwam ze stapje voor stapje verder. De vlinder bleef voor haar uitvliegen. Deze vloog ineens heel wild. Het dier vloog om haar hoofd en daar vandaan naar beneden. Weg was de vlinder. De rest van de tocht zou ze alleen moeten doorstaan. Toen zij de vlinder met haar ogen achterna was gegaan had zij gezien hoe ver zij onbewust al gekomen was. Omhoog kijkend kwam zij er achter dat zij halverwege haar tocht was.
Ze klauterde verder. Tijdens het klimmen kreeg ze het ontzettend heet. Snel stroopte ze haar mouwen op en deed haar haar in een staart. De zon stond pal op haar gezicht gericht. Uit haar rugzak viste zij haar zonnebril. Dit moment was het dat zij oog in oog stond met een grote boze bok. De bok keek haar aan en maakte zich gereed om op haar af te komen rennen. Het dier had haar al even gevolgd, maar nu zij zich had omgedraaid kwam de agressie in het dier naar boven. Het rende en rende. Het meisje wist niet wat ze moest doen, dus hield ze haar tas maar voor zich uit. De bok rende tegen de tas aan en per toeval bleef de tas hangen achter een van de hoorns. Hij kon haar niet meer zien en rende verder en verder. 
Het meisje was nu niet heel erg ver van de top van de berg. Ze was benieuwd wat voor avontuur er nu weer op haar stond te wachten en of er nog wel een avontuur op haar stond te wachten. Haar voeten waren moe, haar handen zaten vol met sneeën en haar rug deed zeer van het gebukt lopen. Drinken en eten had ze niet meer. Liggend op een klein stukje gras viel het meisje in een onrustige slaap. 
In haar droom gebeurde van alles. Ze droomde over een draak die iets duidelijk probeerde te maken. Een blauwe olifant liet haar huilen, een vuurzee omringde haar en de kou vatte haar blote lichaam. Ze voelde een lans in haar buik. Grijpend naar haar buik slaakte ze een kreet en ze schrok wakker. Het zweet stond op haar voorhoofd en borst. De steken in haar rug voelden vreselijk. Haar voeten deden nu vreselijk veel pijn, haar handen waren door de droge lucht nog kapotter dan de vorige dag. Het meisje kon bijna niet verder.
Toch stond zij langzaam op. Ze zou vechten tot het bittere eind. Ze zou lopen, klauteren, kruipen desnoods, maar ze zou het einde halen. Het meisje zou bereiken wat zij moest bereiken. Het hoogtepunt van haar leven. Vechten zou ze voor haar dromen. Kracht voelde zij naar binnen stromen. Ze voelde zichzelf net als een dieselmotor, moeite met de start maar eenmaal een paar stappen, meters afgelegd was ze op gang. Door gaan en niet stoppen, dacht ze. 
Ze deed haar ogen dicht en klauterde op deze manier verder, heel voorzichtig en tergend langzaam. Tot haar verbazing voelde zij op een gegeven moment géén stenen en aarde meer voor zich. Haar linker hand greep in het niets. Het meisje opende haar ogen en zag dat ze aan het einde van haar reis was gekomen. Ze was tot het einde van de berg gekomen. Haar helse tocht werd beloond met het meest geweldige uitzicht ooit. Langzaam ging het meisje opstaan. Ze stak haar armen in de lucht en schreeuwde. Ze schreeuwde ontzettend hard, de hele wereld mocht horen dat zij uit het dal was gekomen en de berg had beklommen. Ze had het gered, ze was op de top van de berg.
Wat het meisje schreeuwde was een geheim, maar wat ze wel verklapte was dat het een naam was die zij had geschreeuwd. Een naam die voor altijd in haar gedachten zou blijven.

maandag 24 september 2012

Tegendraads deel 2.

Vervolg op deze blog over Meryl: Tegendraads

De avond was nog jong toen zij deze persoon zag staan die op haar leek in veelvoud. Het was een man die net als zij zichzelf was en zijn eigen persoonlijkheid belangrijker vond dan al het gemaakte gedoe. Hij had zich netjes gekleed, maar niet té netjes. Hij droeg geen stropdas of strik, de bovenste 2 knoopjes van zijn overhemd waren niet dichtgeknoopt. Zijn blonde haren zaten een beetje warrig, maar toch heel leuk. Ze verdronk in de mooie blauwe ogen, om nog maar te zwijgen over de mooie lach. 
Na 3 keer rustig in- en uitademen ging Meryl staan. Ze liet rustig naar de jongeman toe, die door kreeg dat ze richting hem liep. Zijn lach werd een beetje scheef, was dat hoogmoedswaanzin of vond hij het leuk dat zij zijn kant op was gekomen? Dat was iets wat zij in de aankomende minuten zou gaan achterhalen. Ze begon te spreken en stelde zichzelf voor. Ze praatten en praatten, ze hadden helemaal niet meer door dat er nog tig andere mensen om hen heen stonden. Meryl straalde nog meer dan zij al deed, haar lach was niet meer van haar gezicht te denken. 
Op een afstand stonden 2 meiden te kijken naar dit schouwspel. Zij wisten maar al te goed dat zij geen kans meer maakten bij deze persoon. Toch liepen zij op de jongeman af. Bam, de één ging met haar heupen tegen Meryl aan. Meryl keek haar aan en begon te lachen. Niemand kon haar avond nog verpesten, ook niet een meid die tegen haar aan liep. Ze draaide weer om, richting de persoon met wie ze de hele avond al sprak, maar tot haar verbazing was hij in die 10 tellen verdwenen. Althans, ze zag nog net een stukje van zijn jasje door de menigte heen. Ze keek het jasje na, het enige wat ze van hem wist was hoe hij heette. Op slag was de glinstering uit haar ogen en verdween de brede lach naar een glimlach. 
Wat moest ze nu dan doen? Ze had zijn nummer niet, ze wist niet waar hij heen was gelopen of met wie. Ze wist niet eens of hij een relatie had of niet. Het was ondertussen 01.30 uur en ze begon zich een beetje vermoeid te voelen. Onderweg naar haar jas zag ze in haar linker ooghoek het jasje half om het hoekje verschijnen. Zo nieuwsgierig als zij was geworden liep zij naar de persoon met het jasje toe. Het bleek de jongen te zijn met wie zij had gesproken en hij klonk boos, heel boos. Waarom ze hem had weggetrokken, hem niet uit haar hoofd kon zetten, hier was verschenen. Ongeveer 5 minuten stond Meryl daar verbaasd te luisteren naar het gesprek. Jason was dus helemaal niet weggegaan, hij was weggesleept door de vriendin van dat meisje! Ze schraapte haar keel om toonbaar te maken dat ze daar stond. Jason keek om en wist meteen wat hij moest doen. Hij draaide zich om naar het meisje dat Meryl niet kende en zei dat ze hem nooit meer moest benaderen. 
Nadat hij dat had gedaan liep hij de 3 stappen naar Meryl toe en verontschuldigde zich. Meryl moest lachen. Ze had helemaal geen zin meer om terug te gaan naar het schijnheilige, over de top georganiseerde feest en maande Jason om zijn jas te pakken. Hij deed wat ze hem gebaarde en samen liepen ze de deur uit. Nog een laatste keer keken ze beiden achterom en ze zagen de 2 meiden staan. Ze lagen beiden in een deuk, op weg naar de snackbar voor een lekkere Turkse pizza.

donderdag 20 september 2012

Dubbele ontkenning.

Isa wist dat ze niet meer niet aan hem kon denken. De hele dag door dacht ze aan hem. Het toeval dat hen bij elkaar had laten komen die avond. Zo veel raakvlakken, maar toch zo verschillend.
Ferdinant opende de deur van zijn auto en stapte uit. Hij liep naar zijn huis, half oplettend op de weg. Hij woonde in een vrij rustige straat, dus oversteken deed hij meestal zonder al te goed op te letten. Af en toe zat er een kat op het stenen muurtje bij hem voor. Die kat trok meestal zijn aandacht, ondanks dat het hem niet zo veel deed. Langzaam haalde zijn hand over de kop van het beest en liep door naar de deur en deed de sleutel in het sleutelgat. De sleutel draaide hij zorgvuldig om en toen hij de tweede draai wilde maken hoorde hij iemand zijn naam zeggen. Of eerder vragen.
''Ferdinant?'' 
Hij draaide zich om, om te zien waar de stem vandaan kwam. Hij herkende de stem, toch kon hij niet plaatsen welk gezicht er bij de stem hoorde. Toen hij omgedraaid was, zag hij haar staan. Het was Isa. Isa stond met haar skateboard voor zijn neus. Snel dacht hij na, hij werd vrolijk. Dit was dus wat ze bedoelde! Het is herfstweer en dan zou ze me leren skaten. Het drong volledig tot Ferdinant door wat Isa haar bedoeling was geweest. 
Isa begon te twijfelen of ze dit wel had moeten doen. Waarom stond hij zo te treuzelen? Waarom kwam hij niet naar haar toe gelopen om haar te begroeten? Ze werd onzeker en keek naar haar schoen, waarmee ze over de grond rondjes draaide. Gedachten gingen door haar heen. Ik moet hier weg, ik moet vluchten. 
Op het moment dat Isa zich wilde omdraaien en haar board op de grond wilde leggen, voelde ze een warme hand op haar schouder rusten. De hand van Ferdinant pakte haar schouder nu steviger vast. Ze draaide zich om en kwam omhoog. 
"Je hoeft niet bang te zijn Isa, ik ben hier en ik ga voorlopig niet weg.''
Ze pakte zijn gezicht tussen haar handen en kuste hem. Gauw liep ze naar de deur, draaide de deur weer op slot en pakte haar board. ''Die heb je nu even niet nodig,'' zei ze terwijl ze de sleutels van Ferdinant in haar zak liet glijden. In de ene hand had zijn haar board vast en in de andere hand had zij de hand van Ferdinant vast. ''Zoals beloofd, met herfstweer.'' Ze leidde hem op het board en hield hem stevig vast. 
Daar ging hij, als een blaadje door de wind, over de weg.

maandag 17 september 2012

''Het beste.''

Waarom zou je goed accepteren, als 'het beste' bestaat, dacht het meisje. Ze wist heus wel dat 'het beste' voor elk persoon anders was. Dat perfectie niet bestond voor een grote groep mensen samen, en dat je moet nastreven wat voor jou het beste is. Waarom zij dit al die jaren dan niet heeft gedaan, snapt ze achteraf eigenlijk niet. Onverklaarbaar.
Genoegen nemen met minder dan goed, genoegen nemen met goed genoeg. Waarom zou ze genoegen nemen met goed genoeg? Ze zou moeten gaan voor 'het beste', het beste wat haar ooit zou zijn overkomen. Beter dan dat goddelijke ijsje in Spanje, beter dan de reizen naar Zuid-Amerika en Zuid-Afrika. Dit zou álles overtreffen, ze wist dat als ze geduldig genoeg zou zijn, zij dit mee zou kunnen maken. Zij had hier net zo veel kans op als eenieder, en dat is wat zij zeker wist!
Ze had er genoeg van, van het genoegen nemen met minder, dus ze gooide het roer om. Dit keer zou alles anders zijn. Dit keer, zou ze gaan voor 'het beste'. 

Kriebels vulden haar buik. Hoe zou dit gaan verlopen? Één antwoord: ze zou het voor het eerst sinds jaren een kans geven.

Afgesloten.

Wat normaal vreselijk was, vindt het meisje nu uitermate fijn. Ze had nooit gedacht dat ze daar ooit positief over zou kunnen denken, maar het was gebeurd. Iedereen maakt wel eens een foutje, vergeet wel eens wat, of wat dan ook. Dit gebeurde bij het meisje ook. Gelukkig mocht ze blij zijn dat het maar een waarschuwing was, dat ze eventjes moest denken om de dingen die ze deed. Ze moest niet alles zo maar doen, niet haar emoties te veel haar hoofd laten leiden. Ze moest gewoon nadenken, haar hersenen aan het werk zetten. 
Ze had besloten om dit te stoppen. Nooit meer zou ze verliefd worden en ze wist dat dat een leugen was. Liefde, het mooiste wat er is! Dat zou ze nooit kunnen. Al is het maar één dag dat ze verliefd mocht zijn, het zou de dag van al die jaren zonder liefde meer dan waard zijn. Eigenlijk was het gewoon net zo een uitspraak als ''Ik ga nooit meer drinken!'', die zij zo vaak door haar omstanders heeft horen zeggen. Het meisje dronk en zal blijven drinken, het meisje was verliefd en zal verliefd blijven worden. Daar mee basta! Maar dit hoofdstuk is afgesloten. De mooi versierde bladzijde is omgeslagen, nadat het meisje ''Het einde.'' had opgeschreven. 
Op naar een frisse start. Die gek genoeg rooskleuriger lijkt te zijn dan de vorige frisse start. 

zondag 16 september 2012

Dirk.

''Met Dirk!'' riep de man door de telefoon. Dirk wist niet zo goed dat een telefoon een apparaat was waar je niet doorheen hoefde te schreeuwen als je niet thuis was. Sommige mensen hebben dat ontwikkeld, de gedachte dat je harder moet praten als je verder van de persoon bent die aan de andere kant is. Dirk was dus zo iemand. 
Hij sprak in zijn telefoon alsof hij door een blik met een draadje sprak. Het klonk ontzettend grappig voor omstanders. Zo zaten er ook twee mensen vlak bij het tafeltje van Dirk een broodje te eten. De tranen begonnen op te komen, in de ogen van de vrouw die vlakbij Dirk zat. Hij hing op. Gelukkig, ze kon op adem komen. Anderhalve minuut later ging de ringtone, zo een oude Nokia ringtone, nogmaals af. De vrouw keek naar de man en beet op haar lip. De man keek haar glunderend aan. Wat zou er nu weer gebeuren?!
Dirk nam de telefoon weer op. ''Met Dirk!'', klonk het weer. ''Ik ben even een soepje eten, maar het is hier druk! Ik versta je niet.'' Dirk stond op en liep drie meter van zijn tafel af. Nog hoorde het stel Dirk praten. De vrouw hield het niet meer, ze proestte het uit van het lachen. Een tafel verder had een andere man dit gezien, die begon ook te lachen. Iedereen begon te lachen. 
Dirk kwam terug van zijn korte gesprek. Hij keek om zich heen en zette het op een slurpen. Een kom soep was nog nooit zó snel naar binnen gewerkt. Dirk ging naar huis, hij had eindelijk door dat hij misschien iets te hard had getelefoneerd. 
 

zaterdag 15 september 2012

Held op sokken.

De man, held op sokken werd hij genoemd, keek om zich heen. Wat moest hij nu? De wereld leek zo mooi, de wereld leek zo wreed. Wreed om al zijn minpunten, wreed om al zijn mooie dingen waarvan niemand zou kunnen genieten. Mooie dingen waren er dus ook wel. Hij reed graag in zijn auto, hij was de creativiteit zelve. Kelvin was een positief persoon, toch zei hij lang niet altijd wat er op zijn hart zat. Misschien was dat hetgeen wat andere mensen zo aansprak, het gaf hem een stukje mysterie. De mysterie die menigeen zo leuk vond aan hem. Kelvin was knap, een leuke vent, spraakzaam bij de juiste mensen. Bij de mensen die niet de juiste mensen waren, was hij alsnog erg gezellig. 
Kelvin hield van dat meisje. Dat onbereikbare meisje. Niemand mocht weten wie het was, alleen zij mocht het weten. Hoe zou hij het haar vertellen? Dat vroeg hij zich dag in, dag uit elke keer weer af. Moest hij het gewoon tegen haar zeggen? Gewoon, bam: Eline, jij bent het meisje waar ik mee eindigen wil, het meisje waarmee ik beginnen wil. Ik wil met jóú beginnen aan een nieuw leven. Of moest hij het zeggen via een omweg? Vertellen dat hij iemand kent die helemaal gek is van haar en dan polsen hoe haar reactie zal zijn. 
Kelvin was een held op sokken. Er waren zo veel dingen waar hij goed in was geweest in zijn leven, maar dit ene puntje zou hij nóóít kunnen. Hij besloot om haar niks te zeggen. Bang om afgewezen te worden, bang om uitgelachen te worden. Eline zou voor altijd géwóón een vriendin blijven.

                       ''I beg you, can I follow.
                                   You're my river running high,
                                               run deep, run wild. 
                                                           I follow, I follow you.''
                                                                       [Lykke Li - I follow river]

vrijdag 14 september 2012

Levenspad.

Isa liep over straat. Achter zich zag zij enorme regenwolken, voor zich was de lucht nog blauw. De zon scheen tussen de regenwolken door. Ze voelde de eerste druppel op haar hand vallen. De tweede druppel voelde zij vallen op haar linker wang. Nog een druppel viel, en nog één. Isa draaide zich om. Haar gezicht stond nu naar de regenwolken gedraaid. Ze begon weer te lopen, sneller dit keer. Ze liep steeds sneller, tot ze besloot te gaan rennen. De druppels voelde zij op haar lijf terecht komen, haar kleren werden doorweekt. Ze rende naar het velde dat zij schuin voor zich zag liggen. Rennend stak ze over, zonder uit te kijken. Getoeter, gevolgd door een enorme klap. Isa rende niet meer, zij lag op de grond. Bloed stroomde met de regen mee richting de goot. Ellende, geluk, verdriet en mooie momenten stroomden allemaal richting de goot. 
Een ambulance kwam aangereden. De broeders tilden Isa voorzichtig op de brancard. Zij zagen aan de toestand dat Isa moest vechten, vechten om te leven. Zou dit meisje die kracht om te vechten wel bezitten, vroeg één van de broeders zich af. Het infuus was aangelegd in haar linker arm. De beademing maakte een rustgevend geluid, door het loeien van de sirenes heen. 
Aangekomen in het ziekenhuis werd Isa van bed naar bed getild. Foto's werden gemaakt, mensen friemelden aan haar lichaam. Haar adem stokte. Paniek in de ruimte was het gevolg. Met grote ogen keek Isa om zich heen. Ze begon te beseffen wat er allemaal gebeurde, wat er was gebeurd. Isa had een keuze gemaakt. Zij was naar de duisternis gerend en zou geteisterd worden tot ze klaar was om weer richting de blauwe lucht te lopen. Isa dacht dat die paar zonnestralen haar kracht zouden geven en dát... heeft Isa goed gedacht. 
Zes maanden later stond Isa voor eenzelfde keuze. Dit keer was zij klaar om richting de blauwe lucht te lopen. Rustig aan, haar lot tegemoet lopen. 
Onderweg zag zij nog meer mensen die dezelfde keuze als haar hadden gemaakt. Iedereen met zijn eigen bagage, verliezen en mislukkingen. Iedereen met zijn eigen normen en waarden, richting een gezamenlijk doel: gelukkig worden en gelukkig zíjn. De zon straalde niet langer een kleine straal tussen de zwarte regenwolken, nee, hij straalde vanuit de blauwe lucht op al deze mensen. Die mensen die er klaar voor waren om de duisternis achter zich te laten, die wilden vechten voor geluk. 
De krachtige zonnestralen waren het, die al deze mensen, Isa, kracht gaven om dit pad te bewandelen, is wat zij dachten. Eigenlijk was het de wil om te 'leven' die hen dàt pad lieten bewandelen. Dat pad die hen zou leiden naar hun einddoel. Voor elk individu was er een ander pad, een eigen levenspad.


dinsdag 11 september 2012

Afdwalen.

Het meisje wist niet dat het zo ontzettend moeilijk zou zijn om iemand te negeren waar zij héél veel om gaf. Ze was gek op hem, maar ze wist dat ze geen contact moest zoeken... Soms ging het dagen goed, maar soms had ze zo een dag dat ze niet langer kon doen alsof haar neus bloedde, dan moest ze gewoon met hem praten. En dat waren de momenten dat hij haar negeerde, keihard. Dat waren dan voor het meisje weer tekenen dat zij hem weer moest negeren. Zo bleef het maar door gaan. Ze wist niet wat ze er van moest en/of wilde denken. Eigenlijk was het blanco. Zij wilde gewoon dolgraag bij hem zijn, haar armen om hem heen slaan, zijn lippen op haar lippen proeven, tegen hem aan leunen met zijn arm om haar heen, om over de rest niet eens te spreken. Ze wist dat het niet zo zou zijn. Ze wist dat ze mocht dromen van hem, hij liet haar in deze waanzin door gaan. In haar gedachten was hij altijd bij haar, in de werkelijkheid voelde het meisje zich eenzamer dan ooit te voren.

vrijdag 7 september 2012

De mooie, witte vredesduif.

Aangedaan staarde het meisje voor zich uit. Ze had iets gehoord wat ze niet horen wilde. Juist nu wist het meisje weer hoe vreselijk dichtbij de dood kon zijn. Zo dichtbij als het lopen op straat en verongelukken. Toch kon het meisje niet écht verdrietig zijn. Ze vond het vreselijk, maar ze stond niet in brand. Diep van binnen wist het meisje namelijk ook wel dat de dood maar een vorm was voor het proces naar de eeuwigheid. Waarvan het de eeuwigheid zou zijn wist ze niet, maar ze hield zichzelf altijd voor dat er iets was na het proces van dood gaan. Iets moois, iets simpels, iets wat wij allen niet kunnen voorstellen, iets. Daarom kon het meisje niet meer immens verdrietig zijn wanneer iemand van het leven was beroofd. Ze wist dat diegene ergens anders terecht zou komen en dat de ziel op die plek door zou blijven leven. Het geluk tegemoet gaande. 

Als een vogel vloog je weg, de vrede tegemoet. Pas nu weten we allen wat voor vogel jij bent geweest, een mooie, witte vredesduif. Open je vleugels, en fladder. Fladder tegemoet wat jij tegemoet wil gaan, maak je weg af. Alleen zijn doe je niet, iedereen is bij je, jij bent bij iedereen. In onze harten zullen al die mooie vogels blijven bestaan, voor altijd.

donderdag 6 september 2012

Gedicht: ''Reverse.''

Reverse.

Vroeger had men respect voor elkaar,
Onwetend als wij waren, op zoektocht gegaan.

Het ontwaken van slavernij,
Oorlogen tussen verschillende etniciteiten.

Mensen worden gepijnigd,
Fysiek begonnen, mentaal geëindigd.

De politiek bemoeit zich ermee,
Het lijkt uit de hand te lopen.

In omgekeerde volgorde,
Hoort dit geheel te zijn.


Voor de gedichtenwedstrijd Stop discriminatie.

Kort verhaal: ''Nummer vijf.''

Nummer vijf.

Ze keek op de lijst die ze ooit had opgesteld. Jongens met wie zij ooit had gezoend, met wie zij seks heeft gehad en welk cijfer zij die persoon gaf. Een nare gewoonte wist ze, maar ze kon het niet laten om deze lijst bij te houden.

Isabelle ging deze avond stappen met haar vriendinnen. Ze zou nummer tien aan haar lijst toe kunnen voegen, dacht ze. Toch voelde zij dat dit niet juist was om te doen. Nummer vijf was namelijk degene die haar had onttrokken van haar liefde voor mannen. Mannen waren voor haar nu speeltjes, afleiding om nummer vijf te vergeten. Vier mannen waren na hem gekomen, vier mannen met elk hun eigen verhaal. De verhalen koesterde zij, om zich een uitweg te kunnen banen. Mensen vonden haar simpelweg een slet. Iemand die niet aan anderen dacht, haar eigen pleziertjes boven die van anderen achtte.

Wordt vervolgd.

woensdag 5 september 2012

Girl gone mad.

Soms, moeten we gewoon even gek doen in het leven. Dan moeten we de standaard even doorbreken en doen wat je gewoon altijd al eens wilde doen (of nog niet zo lang). Waarom zou dat niet kunnen, doen wat je graag wilt. Perfectie is immers toch een begrip wat voor eenieder een andere definitie heeft, wat voor elk mens even veel of even weinig waard is. Wie is er perfect, dat fotomodel die in de Girlz staat, die geleerde die in de National Geographic staat afgebeeld, dat meisje uit Zuid-Afrika die een droom heeft? Iedereen is op zijn eigen manier perfect, ook jij, ook ik. Het feit dat ik nu dus 2 blonde plukken en 1 groene pluk in mijn haar heb, maakt mij niet minder. In theorie ben ik nu méér, wel 3 hele plukken á ? gram. 



dinsdag 4 september 2012

Sometimes.

       ''Sometimes you remember a week for the rest of your life.''
Het meisje keek om zich heen. Alles was weer zoals voorheen. Feitelijk gezien was er ook niks veranderd. Toch hield het meisje zichzelf graag voor dat dit wel het geval was. Waarom terug gaan naar het oude, als al het ''nieuwe'' zo fijn was? Dingen zíjn veranderd, dacht ze. Ook als niemand het ziet, kunnen dingen, zaken en mensen zijn veranderd.
Ze keek in de spiegel. Één traan biggelde over haar wang. Terwijl zij besefte dat er in haar iets was veranderd, besefte zij ook maar al te goed dat de rest niet was mee veranderd. De situaties bleven nog altijd hetzelfde. De nog altijd onbeantwoorde vraag bleef door haar hoofd spoken en hoe lang dit nog zo zou zijn wist zij niet. Iemand anders had het heft in handen. 
Ze wende haar blik af van de spiegel en keek door het raam. Ze zag een klein meisje met een kat spelen. Kijkend naar dit kleine meisje, wist zij dat zij altijd het meisje zou blijven. ''Het meisje dat van alles mee zou maken, behalve het juiste.''

zondag 2 september 2012

One way or the other.



''I want you,
I need you,
I miss you,
I love you.

Be with me.''







You look at me like maybe,
but all I need is a ''yes'' or ''no''.

You want to have time, 
and that is what I am giving you.

Time, all the time you need,
just for me to know I gave it all.

Everything is not enough,
less is everything.

zaterdag 1 september 2012

Langzaam tikt de tijd voorbij.

Ze keek maar op de klok. De datum leek dag in, dag uit hetzelfde te blijven. Juist nu de tijd een sprong zou mogen maken van zo een maand of 4. Ze wist dat ze vroeg om het onmogelijke, toch bleef ze zo denken. 
Bij hem zijn was wat ze wilde, ze wist eindelijk wie de schim was. De schim die jarenlang bleef verschijnen is niet meer, ineens maakte de tijd een sprong en wist zij wie het was. Helaas, hier moest het nu even bij blijven. Het was vreselijk, van het ene gat in het andere gat. Het enige wat haar hoop gaf was dat dit gat niet eindeloos door bleef gaan, maar ergens zou stoppen. Positief of negatief, er was een einde.
Helaas voor het meisje tikt de tijd langzaam voorbij.